VLAANDEREN IN EUROPA – Deel 4 : De ondernemende student

In een reeks van vijf blogs kijkt de auteur kritisch naar de toekomst van het Vlaamse ondernemerschap in Europa.

De plooi van het verleden

Mocht u op VRT de zondagavond-reeks Professor T. hebben gezien, herinnert u zich zeker de scène waarin de Professor een van zijn studenten op een mondeling examen een legkip noemt. Een humoristisch moment op televisie, een moment dat helaas de realiteit raakt. U kent ze wel, de studenten die op een examen of tijdens een stagegesprek hun opgedane kennis braaf uitbraken. U kent ook de anderen, studenten die een doordachte mening hebben, die zich onderscheiden van de middelmaat. Niet noodzakelijk omwille van hun intellectuele capaciteiten, eerder omwille van het amalgaam aan eigenschappen waar intellect er een van is. Wat hen essentieel onderscheidt van de anderen is dat zij goed zijn in iets wat bij hen past, in een materie die wezenlijk deel uitmaakt van wie ze zijn.

De legkippen – vergeef mij het herhalen van deze boutade, maar ik blijf ze heerlijk vinden – maakten geen keuze. Ze lieten zich beïnvloeden door hun nabije omgeving die hen ervan overtuigde dat een keuze steeds gericht moet zijn op het vinden van werk of het voldoen aan verwachtingen. Of ze kozen iets, simpelweg omdat ze niet wisten te kiezen. In een vroegere fase werden ze niet gestimuleerd om introspectief te zijn, om na te gaan wat hun ware geluk inhoudt en ultiem de kracht te vinden om een richting in te slaan die hen ertoe in staat stelt om vanuit hun diepste identiteit bij te dragen aan het grotere geheel dat wij de maatschappij noemen. De keuze van studenten voor een richting wordt teveel beïnvloedt door een plooi die in het verleden is gelegd, terwijl het evolueren tot een ondernemende volwassene met ont-plooien te maken heeft.

Zelfbewust onderwijs

Het onderwijs in Vlaanderen propageert bewuste keuzes en heeft zich georganiseerd op de aandacht voor het individu, maar de aandacht voor het individuele kind of de unieke jongere is overroepen. Kinderen en jongeren worden namelijk alleen geïnspireerd door mannen en vrouwen die zelfbewust en introspectief in het leven staan, de organisatie, leerplannen en uitgeschreven intenties zijn ondergeschikt hieraan. U weet nog perfect wie de onderwijzers, docenten of professoren waren die u inspireerden, ze zijn in de minderheid ten opzichte van de middelmaat. Zij die u bijbleven maakten ooit de fundamentele keuze om te onderwijzen, het is wie zij zijn, ze konden niets anders worden dan een onderwijzende mens. De middelmaat belandde om andere redenen in het onderwijs of heeft onderweg de kracht verloren. Ik oordeel niet, oorzaken zijn van menselijke aard, en net daarin schuilt voor mij de reden om er alle aandacht aan te geven.

Ondernemingszin is een gevoel

Het leven is een onzekerheid. Ik zie hoe de academische wereld studenten aanzet tot bewust denken, alsof enkel het denken de onzekerheden ontrafelt. Levenspraktijk heeft ook met voelen te maken : omgaan met angst maar ook met opportuniteiten. Veel prille studenten hebben twijfels en het lijkt wel of studeren – om op termijn werk te vinden – het antwoord is om de twijfels uit te wissen. Het kan anders, leer studenten gevoelsmatig kiezen vanuit hun opportuniteitsgevoel en geef hen daar de tijd en ruimte voor. Laat hen uitvinden en uitvissen hoe zij iets kunnen betekenen voor de maatschappij, hoe zij zich kunnen engageren, een vrije onderzoekende houding ontwikkelen als dienstbare wereldburger. Ondernemende studenten worden niet gekweekt door kennis, ondernemende studenten zijn persoonlijkheden die hun ondernemingszin – een gevoelsmatige kwestie – onderbouwen met kennis.

De leerstoel ‘ondernemen’

Net daarom is nog geen enkele universiteit er in geslaagd om een fundamentele leerstoel ‘ondernemen’ uit te bouwen. Als morgen een academicus pleit voor een traject dat zich focust op het ondernemerschap, zal hij iedereen die hem omringt er moeten van overtuigen dat het traject begint met gevoelsmatige bewustwording, met introspectie, met non-tangibles die deel uitmaken van de levenspraktijk en enkel gestaafd kunnen worden door getuigenissen van ondernemende mensen die de studenten voorgingen.

Onderzoek is het woord dat terecht zo vaak valt in de academische context. Behoort het meest fundamentele daar dan niet bij : zelfonderzoek. Zelfonderzoek leidt naar zelfbewustzijn en mondt uit in zelfbewuste keuzes. Al sinds decennia gaat een groot potentieel aan ondernemingszin verloren omdat we de moed niet hebben om jonge mensen te begeleiden in het hoogste goed : inzicht in hun diepste ik en vertrouwen dat er vanuit dat inzicht een ondernemende visie wordt geformuleerd en dienstvaardig geïmplementeerd.

Een sterke universiteit zou bewustwording kunnen creëren door studenten introspectieve sessies aan te bieden, los van opvoeding of opleiding. Trouwens, studenten kunnen en mogen dat opeisen. Zij mogen aangeven dat zij toe zijn aan zelfonderzoek dat niet wordt gehinderd door meningen of verwachtingen van derden, ook al betreft het derden uit hun onmiddellijke omgeving. Zij mogen vragen dat zij een nog beter begrip willen hebben van waar zij vandaan komen, wie zij zijn, wat zij kunnen en hoe zij dit vertalen in een toekomst die de hunne is. Alleen dan zullen deze studenten uitgroeien tot ondernemende volwassenen, mensen die we nodig hebben in de toekomst : stabiele, flexibele, creatieve mannen en vrouwen die als nomaden hun plaats vinden in de steeds veranderende wereld.

Sander Gee